zo 8 dec 2019  om 19.30 uur
Voorganger: Ds. Lennart Heuvelman
Adventsvesper Grote Kerk m.m.v. de Naarder cantorij o.l.v. Ike Wolters

In de tweede Adventsvesper werkt de volledige cantorij mee en is Henriëtte Bout op fluit aanwezig. In deze vesper zingen we wederom het 'nieuwe' Magnificat. De cantorijdeelname in deze vesper is gebaseerd op beide koralen uit de Bachcantate 'Herz und Mund und Tat und Leben" BWV 147 die samen met orgel en fluit worden uitgevoerd. Deze cantate is misschien wel het meest bekend door de koraalzetting waarmee zowel het eerste als het tweede deel afsluit. Vooral door de vele bewerkingen die met de Engelse tekst 'Jesu, joy of men's desiring' gemaakt zijn, kennen vele deze muziek. Deze tweedelige cantate is een uitbreiding en omwerking van een eerdere cantate uit Weimar voor de 4e Adventszondag in 1716. Bach heeft deze cantate zo bewerkt dat deze bruikbaar werd voor het feest van Onze Lieve Vrouwe Visitatie, waarop het bezoek van Maria aan haar bejaarde, eveneens zwangere, nicht Elisabeth wordt herdacht. Vooral door toevoeging van enkele recitatieven met verwijzingen naar de Evangelielezing uit Lucas 1: 39-56 (met de lofzang van Maria) paste Bach de cantate aan voor zijn nieuwe bestemming. Toch bleef het oorspronkelijke karakter, n.l. De verwachting van de komende Christus, behouden.
Liturgie

Kerkdienst beluisteren

 

terug

Laatste nieuws

Blog

Korte vieringen op zomerzondagen omlijst door muziek Korte vieringen op zomerzondagen omlijst door muziek

Vanaf 1 juli mogen vieringen in de kerk weer doorgang vinden. Weet dat je welkom bent!
 

lees meer »
 

Pinksteren Pinksteren
lees meer »
 
Vlam Vlam

Wij hebben net Pinksteren gevierd. Pinksteren, de verjaardag van de kerk als gemeenschap van mensen. Wij vieren dat Gods geest er voor iedereen is. Er zijn verschillende symbolen bij deze verjaardag. Wie de beeldregistratie van de Pinksterviering in de Grote Kerk heeft gezien, kan er niet om heen dat wij dit jaar het symbool van de duif centraal stelden. Er zijn meer symbolen voor Pinksteren: wind, water, olie, oogst en vuur. De kleinste vorm van vuur is de vlam. In de geest van het Pinksterverhaal, Handelingen 2, 1-5  ook wel een tong van vuur genoemd.

Vuur. Wij zingen er graag over. Een dierbaar lied is afkomstig uit de oecumenische kloostergemeenschap in Taizé. Eenmaal gezongen, neuriet het lang na.

Als alles duister is,
ontsteek dan een lichtend vuur
dat nooit meer dooft,
een vuur dat nooit meer dooft.


Misschien heb je het in deze coronatijd - met soms sombere vooruitzichten - wel gezongen of geneuried. Thuis, alleen, in de beslotenheid. Want helaas, samen zingen heeft mogelijk een verhoogd risico op verspreiding van het nieuwe coronavirus. Bij diep in- en uitademen, zouden druppeltjes die het coronavirus verspreiden (aerosolen) gemakkelijk naar buiten komen en anderen kunnen infecteren. De veilige afstand voor (koor)zangers is momenteel onderwerp van onderzoek.

Zingen is in Nederland de meest populaire vorm van vrijetijdsbesteding. Wie had kunnen denken dat die hobby synoniem zou worden voor spelen met vuur.

De kleinste vorm van vuur, de vlam kan de 600.000 Nederlanders die zingen als hobby beoefenen misschien van nut zijn. Een ingewijde in de muziek vertelde me onlangs dat al in de Middeleeuwen het zingen voor een kaars, een beproefde manier was om de adembeheersing te oefenen. Je gaat op mondhoogte op 1,5 m afstand van de vlam van een brandende kaars staan.  Een flakkerende vlam verklapt luchtverplaatsing. Op 1.5 m afstand van een kaars al zingend een vlam rustig - als het ware onbewogen - laten branden, is de uitdaging. Zo biedt de 1,5 meter misschien onverwachte, risicoloze oefenstof die hobbyisten in vuur en vlam zet.

WdVK, juni 2020